U bent hier: CTO - secundair onderwijs PROJECTEN

Projecten - het secundair onderwijs

Studie naar de wenselijkheid en haalbaarheid van de invoering van centrale taaltoetsen in Vlaanderen in functie van GOK


  • Opdrachtgever(s): Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Departement Onderwijs & Vorming

  • Periode: 01-01-1996 tot 01-01-2008

  • Korte omschrijving:

    In opdracht van het Ministerie van Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap voerde het CTO in 2006 een onderzoek uit naar de opportuniteit en wenselijkheid van de invoering van centrale taaltoetsen in Vlaanderen.


  • Doelgroep:

    Taalbeleid


  • Methode:

    Er worden twee mogelijke functies van de invoering van centrale taaltoetsen onderzocht die te maken hebben met de link tussen taalkenmerken van de leerlingen en onderwijssucces, en als uiteindelijke doel het verhogen van gelijke onderwijskansen hebben:

    • Functie 1:De scholen zetten toetsen in om taalachterstand te screenen en te diagnosticeren om een betere ondersteuning aan taalzwakke leerlingen te bieden.
    • Functie 2: De inzet van centrale taaltoetsen wordt door de overheid gelinkt aan de financiering van scholen.

    De bronnen die het CTO heeft geraadpleegd om deze studie uit te voeren, zijn:

    • Exploratie van literatuur
    • Inventarisatie en beschrijving van bestaande taaltoetsen Nederlands
    • Raadpleging van experts in landen die met deze problematiek geconfronteerd worden
    • Uitvoeren van analyses op bestaande datasets (bijvoorbeeld PISA, SLOA).

  • Resultaten:

    Het rapport bestaat uit vijf onderdelen:

    1. Eerst wordt de link tussen taalkenmerken en onderwijsachterstand verkend:
      • Wat is er op dit moment geweten over de impact van taalkenmerken op onderwijssucces?
      • Is schoolse taalvaardigheid een determinerende variabele voor schoolsucces?
      • Welke impact heeft thuistaal op onderwijssucces?
    2. In het volgende deel wordt een probleemverkenning van het in kaart brengen van taalkenmerken van leerlingen geboden:
      • In hoeverre is het mogelijk om dat op een betrouwbare, valide en efficiënte manier te doen?
      • Met welke algemene voorwaarden moet daarbij rekening gehouden worden?
    3. In het derde deel worden de voor- en nadelen van centrale taaltoetsen voor het schooltaalbeleid besproken. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen diagnose en screening, en tussen de inzet van taaltoetsen op leerling- en schoolniveau.
    4. Dan worden de voor- en nadelen van de rol van centrale taaltoetsen voor financiering van scholen besproken. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen een financiering op basis van de vaststelling van taalachterstand en op basis van een risico op taal- en onderwijs-achterstand. De focus ligt op leerlingen die vanuit sociale groepskenmerken een risico lopen op onderwijsachterstand, of die hebben opgelopen.
    5. Tenslotte worden in het laatste deel de bevindingen vertaald naar concrete beleidsscenario's, waarbij de eerste stappen als meer prioritair en meer zinvol vanuit een beleidsperspectief naar voor worden geschoven dan de laatst voorgestelde stappen.

    De bijlagen bevatten een uitgebreide beschrijving van bestaande taaltoetsen voor kleuter-, lager en secundair onderwijs in Vlaanderen en Nederland.


  • Contactpersonen:
    Koen Van Gorp
    Machteld Verhelst

  • Publicatie(s) in verband met dit project:


« Terug naar het projectenoverzicht